3. Selling the Lord
320/05/29 Gisteren hebben we samen met Barnabas het glas geheven op onze samenwerking. Tegelijk was het een voorlopig afscheid van onze gast uit Galilea. Hij gaat na een verblijf van vier maanden in New York terug naar zijn vrienden in Tiberias. Hij geeft ons volledige carte blanche tot hij, of een collega van hem, over 8 maanden naar ons zal komen voor een tussentijdse evaluatie.
We hadden voor deze gelegenheid een zaaltje gehuurd in het Waldoff Astoria. Ondanks het feit dat ik een sterk vermoeden heb dat er enig bloedverwantschap bestaat tussen mij en onze semitische vrienden was het Ryland die als gastheer optrad. Ingmar en Norbert hielden zich op de achtergrond en stelden zich tevreden met het controleren van het bedienend personeel van het Waldorf. In totaal waren we met z'n negenen: we hadden onze echtgenotes meegenomen, behalve Norbert, die afziet van omgang met vrouwen, en voor onze eregast hadden we een gezelschapsdame gehuurd.
Het werd een genoeglijke avond. Onze gast moest nogal wennen aan de cocktails van de nieuwe wereld, maar de Californische wijnen konden vanaf het begin op zijn goedkeuring rekenen.
Hoe de avond precies is afgelopen kan ik niet met zekerheid zeggen, maar ik herinner me dat Barnabas het hoogste woord had en ons kostelijk vermaakte met anecdotes over de sekte van de Christenen, en met name over haar leider Jesus van Nazareth. Het schijnt dat deze zoon van God zijn hand niet omdraaide voor een sterk staaltje meer of minder. Misschien kwam het door deze wonderlijke en inspirerende verhalen, misschien kwam het door de wijn, maar ik herinner me dat we de avond afsloten in een kring, met de armen om elkaars schouders, en met tranen in de ogen toasten op het toekomstige succes van Operatie Selling the Lord.
Vanmorgen, toen onze dierbare gast nog de slaap der onschuldigen sliep in een of ander bed, zaten de vennoten van I.N.R. & I. katerig bijeen in hun burelen. Geholpen door sloten koffie evalueerden we tevreden de afgelopen weken.
We zijn allemaal nogal opgewonden over het contract met onze buitenlandse klant. Daar is een aantal redenen voor. De eerste is dat we met deze overzeese opdrachtgever een internationaal bureau zijn geworden en daar zijn er niet zoveel van. Net zo belangrijk is dat het een ambitieuze klant is, voor wie de sky the limit is. Dat betekent dat we het merk Christendom, als we besluiten de naam in tact te laten, van de grond af kunnen opbouwen. Naam, huisstijl, slagzinnen, pay-offs, logo's, folders, posters, merchandising, the works. Het water loopt ons uit de mond.
Waar we ook erg trots op zijn is dat het hier om een non-profit organisatie gaat. Nou ja, onze opdrachtgever kun je moeilijk non-profit noemen, maar de sekte van de Christenen is, van oorsprong, wel degelijk non-profit. Ideologisch en idealistisch zelfs. Memo to self: als we nog een derde woord bedenken met ide erin hebben we onze slagzin.
Na ruim een uur, toen we weliswaar trilden van de caffeine, maar ons nog steeds niet in staat achtten tot het verrichten van arbeid, braken we de bijeenkomst op. Straks even de sympathieke Barnabas op de boot zetten en vanaf morgen aan de slag. Selling the Lord. Hallelujah!
We hadden voor deze gelegenheid een zaaltje gehuurd in het Waldoff Astoria. Ondanks het feit dat ik een sterk vermoeden heb dat er enig bloedverwantschap bestaat tussen mij en onze semitische vrienden was het Ryland die als gastheer optrad. Ingmar en Norbert hielden zich op de achtergrond en stelden zich tevreden met het controleren van het bedienend personeel van het Waldorf. In totaal waren we met z'n negenen: we hadden onze echtgenotes meegenomen, behalve Norbert, die afziet van omgang met vrouwen, en voor onze eregast hadden we een gezelschapsdame gehuurd.
Het werd een genoeglijke avond. Onze gast moest nogal wennen aan de cocktails van de nieuwe wereld, maar de Californische wijnen konden vanaf het begin op zijn goedkeuring rekenen.
Hoe de avond precies is afgelopen kan ik niet met zekerheid zeggen, maar ik herinner me dat Barnabas het hoogste woord had en ons kostelijk vermaakte met anecdotes over de sekte van de Christenen, en met name over haar leider Jesus van Nazareth. Het schijnt dat deze zoon van God zijn hand niet omdraaide voor een sterk staaltje meer of minder. Misschien kwam het door deze wonderlijke en inspirerende verhalen, misschien kwam het door de wijn, maar ik herinner me dat we de avond afsloten in een kring, met de armen om elkaars schouders, en met tranen in de ogen toasten op het toekomstige succes van Operatie Selling the Lord.
Vanmorgen, toen onze dierbare gast nog de slaap der onschuldigen sliep in een of ander bed, zaten de vennoten van I.N.R. & I. katerig bijeen in hun burelen. Geholpen door sloten koffie evalueerden we tevreden de afgelopen weken.
We zijn allemaal nogal opgewonden over het contract met onze buitenlandse klant. Daar is een aantal redenen voor. De eerste is dat we met deze overzeese opdrachtgever een internationaal bureau zijn geworden en daar zijn er niet zoveel van. Net zo belangrijk is dat het een ambitieuze klant is, voor wie de sky the limit is. Dat betekent dat we het merk Christendom, als we besluiten de naam in tact te laten, van de grond af kunnen opbouwen. Naam, huisstijl, slagzinnen, pay-offs, logo's, folders, posters, merchandising, the works. Het water loopt ons uit de mond.
Waar we ook erg trots op zijn is dat het hier om een non-profit organisatie gaat. Nou ja, onze opdrachtgever kun je moeilijk non-profit noemen, maar de sekte van de Christenen is, van oorsprong, wel degelijk non-profit. Ideologisch en idealistisch zelfs. Memo to self: als we nog een derde woord bedenken met ide erin hebben we onze slagzin.
Na ruim een uur, toen we weliswaar trilden van de caffeine, maar ons nog steeds niet in staat achtten tot het verrichten van arbeid, braken we de bijeenkomst op. Straks even de sympathieke Barnabas op de boot zetten en vanaf morgen aan de slag. Selling the Lord. Hallelujah!

0 reacties:
Een reactie posten
Aanmelden bij Reacties posten [Atom]
<< Homepage